Participatory Action Research for Positive Change

Het buurthuisinitiatief van de L-Flat: hoe actieonderzoek aannames tackelt

Het is tijd. Wil en ik zitten klaar voor de focusgroep die vermoedelijk over het buurthuis zal gaan, maar niets is zeker in actieonderzoek. Ik betrap mezelf op klamme handjes en klots-oksels. Voor het eerst in mijn actieonderzoekersbestaan leid ik een focusgroep met tienerjongens die door velen het label ‘hangjongeren’ hebben gekregen. Wat kunnen we van hen verwachten? We kijken op de klok, vervolgens naar de deur en naar elkaar. “Weet je zeker dat ze om 5 uur komen?” Vraag ik onzeker aan mijn collega-actieonderzoeker Wil, van gemeente Zeist. “Ja, ik heb om 5 uur hier met ze afgesproken” zegt hij zelfverzekerd, maar ergens merk ik aan hem dat ook hij twijfelt. Misschien was dit toch niet zo’n goed idee. Nog geen tien seconden later komen ze binnen. Ik krijg een keurig handje, een ‘dag mevrouw’ en een naam van acht tienerjongens. Aangenaam verrast door deze zeer respectvolle binnenkomst gaan we zitten.

 

Actieonderzoek in de L-Flat, een van de grootste galerijflats van West-Europa

Er zijn vele initiatieven ontstaan uit het actieonderzoek in de L-Flat in Zeist, maar geen van deze heeft zoveel (foute) aannames getackeld als het buurthuisinitiatief. Uit de interviews die we -twee actieonderzoekers van 7Senses en zeven medewerkers van de gemeente Zeist- hielden met bewoners van de L-Flat kwam vaak naar voren dat deze tienerjongens, al ‘hangend’ bij de portieken, veel overlast veroorzaken. De jongens zelf vinden het vooral vervelend dat hun samenzijn als overlast wordt gezien, en geven aan, net als veel bewoners, dat een buurthuis dit probleem in een klap op kan lossen. De jongens een plek om samen te komen, de bewoners geen overlast meer bij de portieken.

 

Het buurthuisinitiatief: de eerste schets

Tijdens de eerste focusgroep met de jongens en Souad van welzijnsorganisatie Meander Omnium deelden Wil en ik de resultaten van het actieonderzoek zover: de problemen die in interviews waren genoemd, maar ook de mooie dingen, de kansen en de oplossingsrichtingen. We vroegen de jongens wat voor hen de meest belangrijke oplossing was. Ze waren het unaniem met elkaar eens, in koor: “HET BUURTHUIS!”

 

 

Samen keken we naar de talenten van de jongerengroep en hoe zo’n buurthuis er volgens hen idealiter uit zou zien. Ten eerste viel me op hoe enorm veel talenten en andere goeie dingen de jongens op wisten te noemen van zichzelf en de vriendengroep. Ten tweede -nadat de jongens hun ideale buurthuis hadden getekend-  viel me op hoe ontzettend weinig de jongens nodig hebben voor een gaaf buurthuis. Als buitenstaander denk je al snel aan een groot pand met meerdere ruimtes en vanalles wat. De jongens tekenden twee ruimtes, een voor de jongens en een voor de meiden. Een bank erin, een playstation en een keukenblokje voor beide ruimtes was voldoende voor de jongens. Oja en een camera, “want als er iets gebeurt willen we dat de camera kan vertellen wat er gebeurd is.”

 

 

Brainstorm: wat is er nodig voor het buurthuis?

Vervolgens keken we met de jongens welke stappen er nodig waren om een buurthuis te kunnen realiseren. Ik was verrast door de enorme gezamenlijke kennis van deze jongens -van 13 tot 17 jaar oud. Ze wisten feilloos te bepalen wat er allemaal moest gebeuren en welke panden mogelijk tot buurthuis konden worden omgetoverd. Ook wisten ze te benoemen wie ze voor de eerstvolgende stappen nodig hadden. “We moeten de wijkmanager vragen welke van deze panden beschikbaar zijn.” Met als vraag aan mij:

“mevrouw, mogen we nog zo’n focusgroep doen, en dan met de wijkmanager erbij?”

 

“Natuurlijk!” zei ik, blij verrast door deze assertieve move. De jongens verlieten de focusgroep en een paar minuten later kwamen Wil en ik naar buiten, klaar om tevree naar huis te gaan. Daar kwamen we een van de wethouders tegen, die zijn ronde door de wijk deed om campagne te voeren voor zijn partij (het was twee dagen dagen voor de verkiezingen). Ik kende hem nog niet, maar Wil natuurijk wel als collega. Ik schudde de wethouder de hand, waarop hij zegt:

“Ik kom net die groep jongens tegen. Wat hebben jullie met ze gedaan?! Ik heb nog nooit zo’n positieve sfeer om hen heen gezien!”

 

Nieuwe focusgroep met de wijkmanager en gemeente

En zo kwamen we die week erop weer bij elkaar. Dit keer met de wijkmanager en wat mensen van de gemeente erbij die er ook het fijne van wisten. Los van wat ongemakkelijk gegiechel hier en daar, viel het me op hoe professioneel en respectvol de jongens in de focusgroep zaten. Er werd over en weer overlegd en aan het einde van de focusgroep was er een lokatie bepaald en waren er nieuwe actiepunten! Tijdens het opruimen kwam een van de jongens naar me toe:

“Mevrouw, kunnen we volgende week met de wijkagent praten? We willen graag met de politie samenwerken om de juiste regels op te stellen en te kijken hoe we criminaliteit buiten de deur kunnen houden.”

 

Mijn mond viel open van verbazing. De jongens waarvan gezegd wordt dat ze regelmatig op een niet al te beste manier met de politie te maken hebben -en ja, ik ben me ervan bewust dat ze hier over één kam worden geschoren- nemen nu het initiatief om met de politie in overleg te gaan, om te voorkómen dat er dingen misgaan.

 

…En toen kwam de politie

Een week later zaten we met de wijkagent, de wijkmanager, Meander Omnium en natuurlijk de jongens zelf om door te pakken op de uitkomsten van de week ervoor. Omdat de wijkagent nog niet eerder had deelgenomen aan het actieonderzoek, legde ik kort uit wat actieonderzoek inhoudt. Zijn armen over elkaar, een kritische blik. Gaandeweg die focusgroep merkte ik dat hij ontdooide, maar dat was niet door mijn knullige uitleg van het project. Het waren de jongens die hier heel profi aan het werk waren, en zo kwam er zowaar een bijzonder respectvol gesprek op gang! De wijkagent vroeg zelfs, een tikkie out of the blue:

“Hoe oud zijn jullie?! Het lijkt wel alsof ik met een stel volwassenen aan het praten ben!”

 

Er werden ideeën uitgewisseld over de lokatie, plannen gesmeed om criminaliteit buiten de deur te houden en concrete acties opgezet om stap voor stap dichter bij het buurthuis te komen. Ter afsluiting nog de lovende woorden van de wijkagent en de wijkmanager, die hun trots uitspraken naar de jongens voor de manier waarop ze dit aanpakten.

Aan het einde van de focusgroep kwam Ismael naar me toe.

“Mevrouw, mogen we op de eindbijeenkomst een Powerpoint presentatie geven over onze plannen met het buurthuis?”

 

Even dacht ik dat ik het niet goed verstond, maar al gauw wist ik dat ik weer door een aanname geteisterd werd. Die aanname werd door Ismael met deze vraag vakkundig de kiem gesmoord. Blij verrast en een tikkie overenthousiast antwoordde ik: “Maar natuurlijk mag dat, wat tof dat jullie dat willen doen!”  Ik heb vele mooie focusgroepen meegemaakt, maar zelden een waarvan ik zó stuiterend naar buiten ben gelopen als deze. Dit is waarom ik mijn werk zo leuk vind!

 

Het einde van het actieonderzoek – het begin van heel veel moois

Op 10 april 2018 was het zover. De ‘doorstartbijeenkomst’ van ons actieonderzoek. Het hele actieonderzoeksteam had hier de afgelopen twee maanden hard naartoe gewerkt. We zouden de resultaten van het actieonderzoek aan de bewoners en andere belanghebbenden presenteren, met hen doorsparren op de zover gemaakte plannen en de initiatieven die er klaar voor waren overdragen aan de initiatiefnemers. Dit ter afsluiting van ons actieonderzoek en als ‘kick off’ van de vele mooie initiatieven die tijdens dit actieonderzoek zijn ontstaan.

De directrice van basisschool ‘Op Dreef’ stelde haar aula en lokalen beschikbaar voor de verschillende deelsessies van elk thema. Al gauw stroomde de school vol, een opkomst die ver boven onze verwachting uitsteeg. Ook de jongens waren er al vroeg bij, en zaten stoer op de trap in de aula. Collega Barry van de gemeente kreeg een opmerking van iemand:

“die hangjongeren zijn er, die horen hier niet!” Barry antwoordde -de rust zelve- “oh jawel hoor, zij zijn de initiatiefnemers van het buurthuis en gaan hier een presentatie geven over hun plannen.” BAM! Weer een aanname bruut getackeld.

 

Helaas was ik zelf niet bij de deelsessie van de jongens, omdat ik een andere deelsessie leidde, maar begreep van Wil, de jongens en andere betrokkenen dat het een hele gave sessie is geweest. De jongens hebben een TOP presentatie gegeven, de eerste twee bestuurders van het buurthuisbestuur -Anne Jan Odinga van Meander Omnium en Wil Verbiezen van gemeente Zeist-  zijn benoemd en nieuwe verbindingen zijn gelegd voor samenwerking. Doel: op 10 oktober 2018, een half jaar na deze bijeenkomst, de opening van het buurthuis! Dit alles werd na de deelsessies teruggekoppeld aan het publiek en, alsof het niets is op zo’n jonge leeftijd, namen de jongens nog ‘even’ de microfoon in handen om ons, de gemeente en andere betrokkenen te bedanken voor de steun.

 

Op naar een tof buurthuis in oktober!

Een week na de bijeenkomst hebben de jongens met de brandweer een potentieel pand voor het buurthuis gecheckt op brandveiligheid. En as we speak, zijn de jongens druk in de weer met de gemeente, Meander Omnium en andere betrokkenen om dit buurthuis te realiseren. Het pad naar een buurthuis is niet makkelijk, maar zoals de jongens nu aan het knallen zijn, met de steun van de mensen om hen heen, heb ik er alle vertrouwen in dat er op 10 oktober een buurthuis staat! Die datum staat alvast in mijn agenda. Ik ben bij de feestelijke opening!

 

Interesse in een actieonderzoek in jouw gemeente, waar dit soort toffe initiatieven uit kunnen ontstaan? Bekijk eens deze pagina voor de opties